De laatste dagen in Namibie

26 maart 2017 - Internationale luchthaven Hosea Kutako, Namibië

Het aardige van de game drives bij een lodge is dat je beter kennis maakt met de andere gasten. In Okonjima Lodge zitten we met twee Engelse echtparen in de jeep, en het klikt prima. Het zijn zeer ervaren reizigers, en een van de dames blijkt zelfs sales manager te zijn van een safari reisbureau. Iedere vogel die passeert wordt vlot gedetermineerd, op soort en geslacht, inclusief de Latijnse benaming. Het management van de lodge slooft zich extra uit, en heeft onze terreinwagen daarom Jason toegewezen, de meest ervaren gids. 

We hobbelen over de zand- en rotspaden van het park, en Jason neemt het verse spoor van een witte neushoorn waar; er achteraan! Het beest heeft drie nagels aan zijn poten, en maakt een hele specifieke afdruk. Regelmatig stapt Jason uit, en voelt aan de dichtheid van het zand in de pootafdruk of het spoor wel vers is. Bij de rotsgedeeltes voelt en ruikt hij aan takjes als een indiaan uit een oude western. Gedurende een half uur scheuren we over paden, en de spanning in de jeep neemt toe. Maar een safari is toch steeds weer als ‘a box of chocolate’; je weet nooit wat je krijgt. Want wat ligt er pontificaal midden op de weg? Een jachtluipaard, de schuwe sluipmoordenaar; het roofdier dat zich maar zo zelden overdag vertoond. Jason kijkt ons zeer gegeneerd aan: ‘ I almost ran over that damn cat’ . Hoewel de jeep maar een paar meter van de gevlekte kat staat, blijft hij rustig liggen. Zolang we in een auto zitten staan we niet op zijn menukaart.

De Engelse dame wordt als een belangrijke klant gezien, en daarom komt aan onze lunchtafel ook Tristan zitten. Tristan is een mede-eigenaar van de lodge, en vierde generatie Namibiër. Zijn voorvader was een Duitse immigrant, en was op de locatie van de lodge ooit een boerderij begonnen. Tristan geeft een uur lang college over de geschiedenis van Namibië, het toerisme en het wildlife beheer.

 Namibië heeft een wonderlijke geschiedenis. Doordat de onherbergzame kust van Namibië zo weinig overlevingskansen bood voor schipbreukelingen of kolonisten, kregen de Europese koloniale machten pas heel laat belangstelling voor dit gebied. In 1884 kocht een Duitse koopman grote stukken grond op van lokale stammen, en werd het vervolgens geclaimd door de Duitse keizer. De Duitsers probeerden met hun troepenmacht de weerstand van de diverse stammen te breken, misschien wel de eerste volkerenmoord van de 20e eeuw. De Duitse boeren kregen grote percelen toegewezen, die tot de dag van vandaag nog bestaan. Na de val van de Duitse keizer in 1918 werd Namibië eerst door het Verenigd Koninkrijk geclaimd, en na 1947 door Zuid-Afrika. De apartheidspolitiek werd ook in Namibië ingevoerd, en het land werd als basis gebruikt voor de guerilla oorlog tegen het communistische regime in Angola. De bevrijdingsbeweging SWAPO vocht tegen de Zuid-Afrikanen maar de roep onafhankelijkheid bleef, en in 1989 volgden de eerste vrije verkiezingen. Op 21 maart 1990 werd de onafhankelijkheid van Namibië uit geroepen, en wij maakten mee tijdens onze vakantie met hoeveel enthousiasme dat gevierd wordt.

Namibië is dus eigenlijk een heel jong land, waar veel verschillende bevolkingsgroepen wonen. Er zijn afstammeling van de Duitse en Zuid-Afrikaanse kolonialen, maar ook tientallen verschillende stammen. In Namibië worden minstens 16 verschillende talen gesproken, variërend van Engels en Duits, tot Khoi wat alleen uit klikklanken bestaat. Alleen de tong wordt hierbij gebruikt, en misschien is het in de ontwikkeling van de mens een van de oudste nog bestaande talen. Natuurlijk zijn er tegenstellingen in het land: de boerderijen en het toerisme zijn in handen van een kleine groep blanken, vaak Duits of Zuid-Afrikaans sprekend. Er is een bevolking van slechts 2 miljoen mensen in een land dat 30 keer zo groot is als Nederland, maar eigenlijk kan de infrastructuur geen bevolkingsgroei aan. De zwarte bevolking wil scholen, wegen en eigen boerderijen, de loslopende roofdieren zijn alleen maar lastig en kunnen beter worden afgeschoten. Maar het zijn juist die roofdieren en het lege, ongerepte landschap die de toeristen uit Europa trekken.

Waarom is het toch goed gegaan na de onafhankelijkheid, en is echte onrust vermeden? Misschien omdat er gekozen is voor Engels als officiële taal, voor alle Namibiërs is dat niet de eerste, maar juist de tweede of derde taal. De vreedzaamheid en vriendelijkheid, die wij ook zo ervaren hebben bij onze rondreis, wordt ook bevorderd worden door de uitgestrektheid van dit woeste en lege land. Je bent door de isolatie op elkaar aangewezen, ongeacht huidskleur, geloof en taal. Natuurlijk zijn er wrijvingen verteld Tristan. Op een nacht was het grote standbeeld in het hart van Windhoek weggehaald. Het Ritterdenkmal was opgericht ter nagedachtenis aan een Duitse generaal, succesvol in een koloniale oorlog. De huidige machthebbers van Namibië konden de aanwezigheid van het beeld niet meer verdragen, maar de vader van Tristan was dagenlang kapot van.

Tristan is er heilig van overtuigd dat toerisme een positieve impuls zal geven aan zijn land, het zal de infrastructuur en het onderwijs verbeteren. De regering raakt nu langzaam overtuigd door het opkomende safari toerisme dat juist de wilde dieren beschermd moeten worden, en denkt na over verdere uitbreiding van Etosha park.

 Wij hoeven na onze reis niet meer overtuigd te worden, Namibië is een schitterend vakantieland: avontuurlijk en divers in mensen, landschappen en fauna. In onze rondreis van 2500 km hebben we heel veel indrukken opgedaan en mensen ontmoet, maar zonder uitzondering was dit alles heel positief. Wij danken de lezer voor de belangstelling voor onze reis.

2 Reacties

  1. Yvo en Anneloes:
    27 maart 2017
    Wat een avontuur! Mooie verhalen, we zij benieuwd naar de vele foto's.
  2. Remco en Han:
    27 maart 2017
    Ja, dat is zeker een mooie reis. Wij zijn ook benieuwd naar de foto's en alle andere verhalen.